maandag 31 oktober 2011

"Op de keper beschouwd", zo sprak de coach, "is het docentschap eigenlijk maar een fluitje van een cent". De stagiaire keek verbijsterd voor zich uit; 'waarom kost het mij dan zoveel moeite?', dacht ze. De coach ging verder: "Je hebt drie elementen: jouw leerlingen, jij en de leerdoelen. Het is jouw taak ervoor te zorgen dat er een leerproces gaat ontstaan. Jij dit stuurt aan. Mijn vraag aan jou is, waar stuur je op?"
Schrijver dezes zat erbij en dacht: "leraren zijn eigenlijk geworden wat ze in hun vormende jaren helemaal niet wilden zijn: managers." Klassenmanagers, people's managers. In elke onderwijzers schuilt een Guus Hiddink, een Louis van Gaal, een Gertjan Verbeek of eventueel een Foppe de Haan. Deze mannen zijn niet alleen goede planners maar vooral ook tot de verbeelding sprekende leiders, met een geheel eigen stijl van leiding geven.

Leiders zijn leiders omdat zij anderen beinvloeden om (hun) plannen te realiseren. Leiding geven is een vak. Je kunt er studie van maken. Het eerste wat je daarbij leert, is dat leiding geven gebonden is aan mensen en aan een situatie. Welke vorm van leiding hebben brugpiepers nodig en welke leerlingen van havo 5? Effectieve leiders stemmen hun vorm van leiding af op (het niveau van) de groep. Afhankelijk van de bekwaamheid (skill) en de betrokkenheid (will) van de klas kan de docent wel vier stijlen van leiding geven hanteren:




Leiden (S1) is effectief, wanneer de klas beschikt over een laag competentieniveau en een hoge betrokkenheid
Begeleiden (S2) werkt het best bij klassen met een laag/gering competentieniveau en een lage betrokkenheid
(S3) Steunen is effectief bij klassen met een gemiddelde tot hoge competenties maar met wisselende betrokkenheid, terwijl
Delegeren (S4) het best werkt bij professionals die zowel competent als betrokken zijn.

vrijdag 14 oktober 2011

'Plannen. Ideeen. BiG IdeaS. Heel mooi allemaal. Maar wat koop ik ervoor?' Dit zijn inmiddels historische woorden van een jonge enthousiaste professional. Hij beschrijft zijn 'incident': 'ik kwam de klas binnen en stelde me voor. Daarop zei een leerlinge: 'we kennen je niet en we willen ook geen les van je'. Hadsjikiedee, daar kon ik het mee doen. Hard en duidelijk.'
Deze ervaring is inzichtgevend en staat niet opzichzelf. Hij maakt goed duidelijk waar het in Nederland in het onderwijs echt omgaat. Contact! Sociale acceptatie! Wie de jeugd niet ziet zitten, gaat een moeilijke gang. Bij ons is 'de klas' een sociaal stevige kracht. Friezen komt de eer toe een mooi woord bedacht te hebben voor de kerncompetentie die van de leraar wordt gevraagd:  met leerlingen kunnen 'ompannekoekjen'. Blijkbaar is één van de determinanten van onze cultuur, dat het begin van alle onderwijs in Nederland sociaal moet zijn. Leerlingen zitten echt niet op inhouden te wachten! Eerst moet het wederzijdse contact goed zijn. Het zal dan ook geen toeval zijn dat de interpersoonlijke competentie, met gespreksvaardigheden, luistervaardigheden en feedback vaardigheden op numero uno van de competentiebibliotheek staat. Tip: wie een inhoudelijk insteek in onderwijs wil, kan beter een transfer naar Belgie aanvragen.

vrijdag 7 oktober 2011

De 3de jaars GS 2011/12 - october

Vandaag werd ik weer eens aangenaam geprikkeld.  Heb gesproken met studenten die op het punt staan om hun 3de jaars stage te gaan lopen. Wat me het meest opviel was, dat deze jonge professionals zonder uitzondering gemotiveerd zijn om met leerlingen aan de slag te gaan. Ze hebben er zin in!

Uit hun verhalen blijkt, dat ze niet zozeer voor zichzelf in het onderwijs zitten: 'de leerling' staat in hun beleving centraal.  Ze zijn niet alleen gedreven om met leerlingen 'iets' te willen, maar ze praten ook verstandig over moeilijke zaken als leerprocessen!  Hoe leert de leerling en hoe kan ik dat proces nog beter laten verlopen? Sommigen hebben zelfs al een hele, min of meer afgeronde, visie op het leren van leerlingen en hun lesgeven. Ze praten enthousiast over een leeromgeving die ze willen gaan construeren om het leren van leerlingen te stimuleren  ….
Vrijwel allemaal hebben ze ideeen, sommigen zelfs big ideas, over wat ze bij leerlingen willen bereiken en hoe ze dat voorelkaar willen krijgen. Zij willen sturen op actief lereneigen inbreng, en denken. Omdat leerlingen niet allemaal hetzelfde zijn,  is dit bepaald geen geringe klus...... Er waren twee, van de negen, die ook al bedacht hadden hoe ze hun onderwijs wilden gaan toetsen en evalueren.


donderdag 15 september 2011

Welkom op mijn Weblog.


Ik gebruik dit middel vanaf studiejaar 2011-'12 om studenten te begeleiden op hun werkplek. Hiertoe stel ik de ABCDvragen:
  1. Wat was er deze week  Aan de orde?
  2. Wat was daarbij voor mij  Belangrijk voor mijn ontwikkeling?
  3. Tot welke  Conclusies of voornemens voor handelen leidt dit?
  4. Waar wil ik in het kader van mijn assessment mee  Doorgaan?
Gebruik deze vragen a.u.b. als uitgangspunt voor je reflectie.


Groet,
Herman Hazelhoff